• Increase font size
  • Default font size
  • Decrease font size

Ecologische teelt

Tomatenziekte voorkomen

Als het veel regent in de zomer- wanneer niet!- krijgen de tomaten vaak bruine vlekken. Hoe komt dat? Phytophthora heet de ziekte officieel. Het komt eenvoudig door ons klimaat: zomers vol regen en amper dagen boven de 25 graden. De ziekte treedtvaak op bij onze buiten geteelde tomaten. Phytophthora is het ergste wat een tomatenliefhebber kan overkomen. De ziekte zorgt ervoor dat je prachtige tomatengewas vol met grote groene vruchten binnen één à twee weken verandert in een troosteloze plant.  Phytophthora vermenigvuldigt zich o.a.door middel van sporen. Deze sporen kunnen lang in de bodem aanwezig blijven (minstens drie jaar) en infecteren de plant via opspattend regenwater. Zet dus nooit tomatenplanten op dezelfde plek het volgend jaar! Ook via de wind kunnen de sporen verspreid worden. De sporen moeten dan wel op nat blad terecht komen dat enkele uren nat blijft. Zo vindt besmetting plaats die na enkele dagen op het blad te zien is in de vorm van ronde bruine vlekken. Daarna worden de stengels aangetast en tenslotte de vruchten. Boven de 25 graden stopt de infectie. Kortom, moeilijk in ons klimaat te bestrijden

Wat doe je er aan?
Zorg voor droge planten, met name als het regent. Tomatenplanten hebben een afdak nodig. Loop eens over het tuincomplex van de Pioniers. Soms zie je ze nog staan, die rare kleine kasjes op hoge poten: de tomatenkasjes! Je kan tomaten natuurlijk ook in de grote kas verbouwen, maar dan moet je goed ventileren om de luchtvochtigheid laag te houden: zet dus in de zomer de deur van je kas altijd open.
Cherry-tomaten zijn iets gemakkelijker re kweken. Die hebben kleine vruchten en een hoge resistentie tegen Phytophthora. Ze zijn er in soorten met voldoende weerstand, bijvoorbeeld het ras Philovita.
1.    Plant in de volle onbeschermde grond alleen tomaten met kleine vruchten.
2.    Plant tomaten met grote vruchten onder een afdak of in de kas. 



 

Snoeien en snoeihout verwerken
Hoewel het snoeitijdstip per soort struik of boom verschilt, is de winterperiode de beste snoeitijd. Grootschalig snoeien wordt voor de periode maart tot en met juli sowieso sterk afgeraden. Dan is het broedseizoen in volle gang en een nest jonge vogels is dan snel verstoord. Je overtreedt in zo'n geval de Flora- en faunawet.
Waar laat je het snoeiafval? Daarvoor zijn verschillende mogelijkheden. Fijne takken kun je op de composthoop kwijt. Grover hout kun je (laten) verhakselen voordat je het op de composthoop gooit. Heb je daarover niet de beschikking, dan kun je de mooie rechte takken in een takkenril verwerken op een meer natuurlijk deel van je tuin. Ook kun je er een klimconstructue van maken die je laat beroeien door kamperfoelie, hop en bosrank. Dat is meteen weer positief voor het dierenleven. Ook kun je, in overleg met de werkgroep onderhoud en tuindienst, de takken op een daarvoor aangewezen plek onder de boomsingels rond het complex aanbrengen. Wortelkluiten, coniferen (verteren veel te langzaam en verzuren de bodem) en fijne twijgen en stengels (verteren te snel) horen hier niet thuis!  Het allerdikste hout kun je in blokken van ongeveer 50 cm zagen en zodanig stapelen dat de kopse kanten op het zuiden komen te liggen. Boor daarin gaatjes van verschillende diameter en diepte en je hebt een heus insectenhotel. Een mooi voorbeeld vind je op de schooltuin.

 

CombinatieteeltWisselteelt

Biologisch-dynamische teelt

Fruitteelt

U bent hier: TUINTIPS ecologische teelt